Ewald Vervaet

Ewald-167

Ik ben Ewald Vervaet.

Ik ben in het Zeeuwsvlaamse dorp Westdorpe in 1949 geboren – als ‘herfstkind’ (knipoog…). Op dit moment ben ik dus 63. Beroepsmatig ben ik ontwikkelingspsycholoog – onderzoeker en docent.

Kleuteronderwijs
Via mijn onderzoek naar de ontwikkeling tussen ongeveer 3 jaar en 8,5 jaar ben ik betrokken geraakt bij het kleuteronderwijs. Wat ik sedert ongeveer 1990 wel eens in een kranteartikel had gelezen zag ik rond 2000 in mijn eigen onderzoek. Ik zag dat kinderen van 4 jaar en ouder op school allerlei dingen moesten leren, waar ze ontwikkelingspsychologisch volstrekt niet aan toe waren.
Vanaf het verschijnen van mijn boek ‘Naar school; psychologie van 3 tot 8 jaar’ in 2007 hebben kleuterleerkrachten en ik actief contact met elkaar gezocht. In mei 2011 is dat uitgemond in de petitie ‘Gedachtewisseling over ontwikkelingsfasen’. Die is eind september 2011 aangeboden aan de Kamercommissie OCW van de Tweede Kamer.
Uit de petitie is de Werk- en Steungroep Kleuteronderwijs (WSK) voortgekomen. Die is opgericht op 25 april 2012.

Ontdekkend leren lezen
Ondertussen is mijn onderzoek verder gegaan. In het bijzonder wijs ik op ‘ontdekkend leren lezen’ waar ik in 2009 een artikel over heb geschreven.
In de schooljaren 2010-2011 en 2012-2013 is er met ontdekkend leren lezen geëxperimenteerd aan de Vrije School Michaël in Bussum – beide keren naar ieders grote tevredenheid, vooral die van de leerkrachten en van de kinderen.
Via een WSK-lid ben ik in contact gekomen met uitgeverij Gelling. Die brengt begin juli 2013 de leeslijn ‘Zo ontdek ik het lezen!’ uit. Die heb ik geschreven in januari-mei 2013, terwijl twee groepjes kinderen bezig waren met ontdekkend leren lezen: een groepje in Spoordonk (gemeente Oirschot) en een groepje in Abcoude.
‘Zo ontdek ik het lezen!’ kan handvatten bieden om te laten zien dat er wel degelijk groep-2-kinderen zijn die kunnen leren lezen, maar ook kinderen die daar pas in groep 4 aan toe zijn. Dat kan met twee proeven om leesrijpheid mee vast te stellen: de schrijfproef en leesproef.
Een kind dat leesrijp is, kan met ontdekkend leren lezen beginnen. En een kind dat niet leesrijp is, bereidt men optimaal op het lezen voor door het klankanalyse en vormoefeningen te laten doen. De schrijfproef en leesproef kunnen om de zes tot tien/twaalf weken worden afgenomen. Zo kan de leerkracht duidelijk vaststellen of een kind leesrijp is of niet. Tegelijkertijd kan men zo aan de onderwijsinspectie laten zien waarom het ene kind nog klankanalyse en vormoefeningen doet, terwijl het andere ontdekkend leert lezen.

Aanvulling

Inmiddels is deel 1 van ‘Zo ontdek ik het lezen!’ al sedert 11 juli 2013 uit; zie ontdekkendleren.nl/oll/zo-ontdek-ik-het-lezen-deel-1.

In mei 2015 is ‘Klank- en vormspel’ uitgekomen met activiteiten/leerinhouden voor kinderen die in neurologisch en psychologisch opzicht kleuter zijn en dus niet leesrijp zijn; zie ontdekkendleren.nl/oll/klank-en-vormspel.

En in juni 2017 is deel 2 van ‘Zo ontdek ik het lezen!’ uit; zie ontdekkendleren.nl/oll/zo-ontdek-ik-het-lezen-deel-2.

Het derde en laatste deel van ‘Zo ontdek ik het lezen!’ is volop in voorbereiding en wordt onder meer op een basisschool in Heerhugowaard uitgeprobeerd. Het zal zeker vóór de zomervakantie van 2018 verkrijgbaar zijn en misschien zelfs al in maart/april 2018; zie stichtinghistos.nl/ontdekkend-leren-lezen/zo-ontdek-ik-het-lezen-deel-3.

Het eerste hoofdkenmerk van ‘ontdekkend leren lezen’ is dat het kind rijp voor iets moet zijn:

  • Leesrijp voor deel 1 – vier maanden later kan het dan met deel 2 verder; een leesrijp kind verbindt zelfstandig klanken tot woorden en spiegelt geen lettertekens meer.
  • Rijp voor omzetting van een zin als ‘ik doe dat met één hand’ in ‘ik doe dat met twee handen’ en klankanalyse van wat je vóór /un/ van /han…un/ hoort – het kind kan dan het eerste onderwerp van deel 3 doen.
  • Rijp voor omzetting van een zin als ‘hij heeft één boot’ in ‘hij heeft twee boten’ en klankanalyse van wat je vóór /un/ van /b…tun/ hoort – het kind kan dan het tweede onderwerp van deel 3 doen.
  • Rijp voor omzetting van een zin als ‘de hond heeft één bot’ in ‘de hond heeft twee botten’ en klankanalyse van wat je vóór /un/ van /b…tun/ hoort – het kind kan dan het derde onderwerp van deel 3 doen.
  • Rijp voor omzetting van een zin als ‘hij vindt een potlood’ in ‘wij vinden een potlood’ en klankanalyse van wat je vóór /un/ van /vin…un/ hoort – het kind kan dan het vierde onderwerp van deel 3 doen.

Het tweede hoofdkenmerk van ‘ontdekkend leren lezen’ is dat de leeslijn ‘Zo ontdek ik het lezen!’ op klank is gebaseerd. Dat komt vooral in deel 3 tot uiting omdat daarin de spelling van het Nederlands aan bod komt en die spelling is nu eenmaal op klank gebaseerd: omdat je /handun/ zegt en hoort, schrijf je ook ‘één hand’; enzovoort.

Zie voor de acht hoofdkenmerken van ‘ontdekkend leren lezen’ het artikel wij-leren.nl/ontdekkend-leren-lezen-hoofdkenmerken-leesrijpheid.php.

 

Als deel 3 van ‘Zo ontdek ik het lezen!’ is verschenen, ga ik ‘ontdekkend leren schrijven’ schoolklaar maken; zie ontdekkendleren.nl/ols. Als dat verkrijgbaar is, vormen lezen, schrijven en spellen een complete eenheid.

 

Ewald Vervaet,

Amsterdam, 6 januari 2018

 

 

 

5 comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *