Uitkomsten enquête kleuteronderwijs

Uitkomsten:

Het eerste dat opvalt is de hoge opkomst bij de enquête over het kleuteronderwijs in Nederland. Maar liefst 2812 kleuterleerkrachten vulden de enquête in. Via FB hebben vele honderden kleuterleerkrachten de enquête gedeeld en elkaar ‘getagd’.

Hoewel 78,7% van de kleuterleerkrachten gebruik maakt van toetsen, is slechts 8,5% het (helemaal) eens met de stelling dat deze toetsen inzicht geven in de ontwikkeling van kinderen die niet op een andere manier verkregen kan worden. Maar liefst 85,3% is het (helemaal) eens met de stelling dat er sprake is van een doorgeslagen toetscultuur.

Opvallend is het grote verschil in tevredenheid tussen de vroegere kleuteropleiding, de KLOS, en de huidige Pabo. 97,7% van de respondenten vindt dat zij met de KLOS voldoende zijn voorbereid op het werken met kleuters, terwijl slechts 15,5% van de Pabo afgestudeerden het (helemaal) eens mis met die stelling.

Niet vreemd dus dat 58,4% van de respondenten stelt gebaat te zijn bij meer bijscholing. Er is vooral behoefte aan bijscholing op het gebied van spel en spelontwikkeling, de ontwikkelingsfase van het jonge kind en de motorische ontwikkeling.

De meest opvallende uitkomst is wel dat 92,4% van de respondenten aangeeft dat er een specialistische opleiding moet komen voor het jonge kind. De voorkeur gaat dan uit naar een aparte kleuteropleiding (38,7%) of een opleiding gericht op peuters, kleuters en groep 3 en 4 (26,4%).

Uit de enquête blijkt verder dat 89,1% van de respondenten het oneens is met de stelling dat lesmethoden een vereiste zijn voor het geven van goed kleuteronderwijs.

Reactie CDA:

De uitkomst van de enquête maakt duidelijk dat de politieke keuze om de opleiding tot leraar kleuteronderwijs en die tot leraar basisonderwijs te integreren in de Pabo op weinig draagvlak kan rekenen bij deze doelgroep. Kleuterleerkrachten blijken veel meer tevreden te zijn over de vroegere KLOS, dan over de huidige Pabo. Ook blijkt er veel behoefte te bestaan aan bijscholing bij kleuterleerkrachten.

Het CDA zal de uitkomsten van deze enquête verder bespreken met kleuterleerkrachten en concreet uitwerken. Twee zaken staan wat ons betreft voorop: er moet weer een aparte lerarenopleiding voor kleuters komen en we zullen moeten investeren in nascholing voor huidige kleuterleerkrachten. Rog: “het CDA heeft al eerder bepleit dat er een aparte lerarenopleiding voor het jonge kind moet komen, naast een lerarenopleiding voor het oudere kind, bijvoorbeeld van zeven tot veertien jaar. De uitkomst van deze enquête maakt duidelijk dat we geen tijd te verliezen hebben”. Het CDA zal daarnaast een bijscholingsplan lanceren, zodat voorzien kan worden in de behoefte aan bijscholing op vakgebieden waar behoefte aan is, zoals spelontwikkeling, kennis van ontwikkelingsfasen, motoriek en observatie.

Michel Rog (initiatiefnemer enquête kleuteronderwijs)

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.