Brief WSK aan CITO over normeringsonderzoek ‘Kleuter in beeld – Taal’

Werk- en Steungroep Kleuteronderwijs (WSK)
De kleuter is geen schoolkind www.wsk-kleuteronderwijs.nl

 

Aan de heer A. Béguin (directeur Cito), mevrouw J. Visser (directeur Cito) en mevrouw J. Vloedgraven (projectleider ‘Taal voor kleuters’)

 

Betreft: normeringsonderzoek ‘Kleuter in beeld – Taal’

9 november 2018.

 

Geachte heer Béguin, mevrouw Visser en mevrouw Vloedgraven,

 

De Werk- en Steungroep Kleuteronderwijs maakt zich na kennisname van uw brief ‘Normeringsonderzoek Kleuter in beeld – Taal: doe je mee?’ van 29 oktober jongstleden ernstig zorgen. Aangezien u daar onjuiste aannames in doet, roepen we u op om dit onderzoek op te schorten dan wel onmiddellijk te staken.

 

Onjuistheden
We bespreken de vier belangrijkste onjuistheden.

1. U schrijft: ‘In het regeerakkoord is afgesproken dat kleuters geen schoolse toetsen meer hoeven te maken’.
Dit is onjuist. In het regeerakkoord staat: ‘Binnen het leerlingvolgsysteem zullen er gedurende de kleuterperiode geen toetsen worden afgenomen’.1 Deze zin kan in het licht van zijn voorgeschiedenis slechts betekenen dat er in de groepen 1 en 2 een verbod komt op ‘landelijk genormeerde kleutertoetsen’; zie de motie Rog van 31 oktober 2013 die met 94 stemmen is aangenomen.2
De regering laat zich in haar toelichting van 6 juli jongstleden op het afkondigen van het verbod op ‘landelijk genormeerde kleutertoetsen’ dan ook in die zin uit: ‘bezwaren tegen de normering van deze toetsen, waarbij de individuele scores van een kleuter worden afgezet tegen landelijke gemiddelden’ en ‘Deze vorm van normeren doet onvoldoende recht aan het feit dat kleuters zich sprongsgewijs ontwikkelen’ (onze cursiveringen).3

2. U schrijft: ‘Ook wij zijn ervan overtuigd dat het volgen van kleuters op een speelsere manier kan’.
Het schoolse en speelse van ‘landelijk genormeerde kleutertoetsen’ staat echter niet ter discussie maar het psychometrisch genormeerde karakter ervan. Uw woord ‘ook’ is dus onjuist: uw mening sluit in het geheel niet aan bij de visie van de regering en de meerderheid van de Tweede Kamer.

3. U schrijft: ‘Geen toets, maar een observatie instrument (sic recte)’.
We kunnen ‘geen toets’ maar wel normeringsonderzoek niet met elkaar rijmen. Immers, een observatie-instrument waaraan normeringsonderzoek wordt gedaan, lijkt ons per definitie een toets te zijn. Maar wellicht hanteert u andere definities. Wilt u ons uw definities van de begrippen ‘toets’, ‘observatie-instrument’ en ‘normering’ laten weten?

4. U schrijft, in de bijlage van uw brief: ‘Het doel is en blijft het volgen van kleuters om het beeld van de leerkracht compleet te maken met objectieve informatie’ en ‘meerwaarde van het toevoegen van objectieve informatie in de klas’’ (onze cursiveringen).
Volgens de WSK betekent het woord ‘objectief’ ‘betrekking hebbend op het object’ en is het ‘object’ in dit geval de kleuter. Een objectief observatie-instrument bij kleuters draait dan ook, gezien het feit dat kleuters zich sprongsgewijs ontwikkelen3, om de psychologische ontwikkeling: ‘… -> oudere peuter -> kleuter -> jong schoolkind -> …’.
U haalt de begrippen ‘objectief’ en ‘getalsmatig’ door elkaar want ‘landelijk genormeerde toetsen’ zijn slechts getalsmatig van aard. Een ‘genormeerd instrument’ is dus juist níét objectief. Uit zo’n instrument komt immers altijd hoeveel procent een kind van een gemiddelde afwijkt en ‘afwijken van een gemiddelde’ is geen kindkarakteristiek maar slechts een onderdeel van uw psychometrische methodologie (‘normering van deze toetsen, waarbij de individuele scores van een kleuter worden afgezet tegen landelijke gemiddelden’3 (onze cursivering)).

Wij zien uw wetenschappelijk onderbouwde reactie op deze vier punten graag tegemoet, met cc aan de in onze cc genoemde bewindslieden en Kamerleden.

Oproep
Vooralsnog roepen we u op uw voorgenomen onderzoek op te schorten dan wel onmiddellijk te staken.
Wij doen dit in het belang van goed kleuteronderwijs, waarin het beoordelen op grond van genormeerde kleutertoetsen of op een op andere wijze geformuleerd normeringsonderzoek niet thuishoort.

We willen graag eindigen met een aanbod. Mocht u een instrument willen aanreiken dat recht doet aan de psychologische ontwikkeling in en rond de kleuterperiode, dan denken we graag met u mee over de inhoud, opzet en uitvoering van zo’n instrument.

Met vriendelijke groeten,

De kerngroep van de WSK

cc:
minister I. van Engelshoven,
minister A. Slob,
Vaste Kamercommissie OCW,
alle schoolbesturen

 

Noten
1 www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2017/10/10/regeerakkoord-2017-vertrouwen-in-de-toekomst, p.11.
2 www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2013Z20889&did=2013D43132.
3 www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-onderwijs-cultuur-en-wetenschap/documenten/kamerstukken/2018/07/06/kamerbrief-over-kleutertoetsen. Zie ook noot 5 hierin.

 

KLIK HIER voor de brief aan cito over normeringsonderzoek

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.